Balanceren kan worden uitgevoerd met draagbare instrumenten zoals Leonova of T30. Hieronder worden de balanceerfuncties van de Leonova beschreven. Voor meer informatie over balanceren kunt u contact opnemen met uw locale SPM vertegenwoordiging.

Een-vlaks balanceren, 4 runs

Deze methode gebruikt eerste meting zonder testgewicht om het trillingsniveau (mm/s RMS) van de rotor te bepalen en vervolgens met drie metingen met testgewicht op 0°, 120° and 240° te berekenen waar het gewicht en positie ligt om de onbalans te corrigeren.

Een-vlaks balanceren, 2 runs

Deze methode gebruikt de eerste meting zonder testgewicht om het trillingsniveau (mm/s RMS) van de rotor te bepalen en vervolgens één meting met een test gewicht om het gewicht en positie te berekenen om de onbalans te corrigeren. Hiervoor is een tijdsynchrone trillingsmeting nodig (triggerpuls van een SPM tachometer of toerentalmeting) om de relatieve fasehoek tussen de twee trillingsmetingen vast te stellen.

Twee-vlaks balanceren

Vergelijkbaar met de 2 run methode die bij een-vlaks balanceren gebruikt wordt maar dan met een trillingsmeting en gewichtcorrectie in twee vlakken. Deze metingen worden gedaan met twee trillingsopnemers simultaan of met één opnemer die per meting van positie gewisseld wordt. Houd er rekening mee dat twee-vlaks balanceren alleen uitgevoerd kan worden met de Leonova Diamond.

Voor alle methoden kan een finale run gemaakt worden om de balanceerresultaten te controleren en indien nodig een nacorrectie gemaakt worden. Het balanceerrapport kan daarna in de Leonova worden opgeslagen.

Leonova begeleidt u stap voor stap door de balanceerprocedure. U kunt de draairichting omkeren en meetparameter veranderen van snelheid naar versnelling of verplaatsing.

In aanvulling op de RMS waarde, wordt een FFT-spectrum getoond om de onbalans trillingscomponent te zoeken. Voor de 2 run methode is het aantal tijdsynchrone middelingen ingesteld op min. 4.

Leonova berekend een aantal alternatieven om de onbalans te corrigeren:

  • Test gewicht: Invoer van rotor diameter, gewicht en rpm om een acceptabel testgewicht in gram te berekenen.
  • Opdelen van het correctiegewicht: Voer het aantal rotorsegmenten in om het correctiegewicht te verdelen twee segmenten te verdelen.
  • Gewicht wegnemen: Boorgat diameter en diepte kunnen berekend worden voor verschillende materialen.
  • Radiale verplaatsing: Voor het verschil in radiale afstand in om het gewicht opnieuw te berekenen.
  • Graden naar lengte: verander de hoek naar de lengte over de omtrek voor bepaling van de positie van het correctiegewicht.
  • Laat testgewicht zitten: Bereken het correctiegewicht zonder het testgewicht te verwijderen.
  • Voeg gewichten samen: Vervang alle correctiegewichten op de rotor door een gewicht.